Mijn blog eerder vandaag over The Passion maakt op Twitter en in mijn mailbox de tongen los. Wat ik vooral met de blog wil zeggen is dat er een spanningsveld ontstaat tussen de enorme mediacampagne en de ingetogen boodschap van Pasen. En onderliggend: dat teveel representatie van de boodschap verwijdert van de boodschap zelf. Daarbij oordeel ik in de blog niet over The Passion, want ik heb nog niets gezien van de voorstelling zelf. Morgen kun je een recensie op Isidorusweb lezen.

Het geeft mij wel een dubbel gevoel vooraf. In januari zag ik tijdens de landelijke parochiedag in Hilversum een trailer met beelden uit Manchester, waar in 2006 Oasis en The Stone Roses de passie moderniseerden. Er stonden 7.000 mensen in de straten in Manchester, die naar Love will tear us apart en Wonderwall luisterden. Ik was onder de indruk hoe de bekende popcultuur van Manchester werd verbonden met christelijke wereld. In dat opzicht is Gouda oppervlakkiger want Gouda kent geen eigen popcultuur.

Desondanks heb ik het idee dat de Gouda-editie veel kijkers zal trekken en ongetwijfeld lovende kritieken. Het buzzt lekker rond in ieder geval en vanavond (gokje) is #passiongouda trending topic.

Maar daar ging het mij niet om. De vraag is: Hoe ver gaan we in het naar de profane context brengen van de christelijke boodschap? Gaat het om het verlagen van de christelijke cultuur (van incrowd christenen die het Paasverhaal kennen) of het letterlijk opheffen van het volk (van niet-christenen die Jezus alleen als vloek gebruiken)? Nu heb ik geen pasklaar antwoord en dat waarschijnlijk is die er ook niet.

Ook is de vraag is niet van vandaag. Immers, de allereerste passiespelen waren ook al snel een mix van geloofsverhalen en lokale cultuur, van verdieping en vermaak, van role playing game en reëel schouwspel. Passiespelen over het lijdensverhaal, mirakelspelen over heiligen en mysteriespelen over bijbelse verhalen stammen uit de vroege Middeleeuwen en zijn succesvolle vertelvormen geweest om mensen de christelijke boodschap te leren begrijpen. Een paar eeuwen later werden geestelijke oratoria als de Mattheus-, Johannes en Marcuspassie ten gehore gebracht, die bedoeld waren om niveau van godsdienstbeleving en kennis op te krikken.

En met de komst van de radio ontstonden Paas- en Kersthoorspelen waarbij opnieuw een mengeling tussen educatie en vermaak ontstond. In de krant had je christelijke feuilletons en met de komst van film en musical zien we christelijke varianten: Jesus Christ Superstar, The Passion of the Christ en nu dus The Passion op tv en live on stage. De christelijke boodschap communiceren betekent automatisch adaptie van communicatievormen in de context van vandaag.

De vraag is: tot welke hoogte is het werkzaam? Priester en RKK-presentator Roderick Vonhögen zegt op Twitter dat je de huidige The Passion moet zien in een ‘breed proces om de cultuur te herevangeliseren’. The Passion past daarbij, en misschien nog meer dan de (traditionelere) Passiespelen in Tegelen, die vorig jaar 46.000 bezoekers trok (ten opzichte van 160.000 bezoekers in 1955, het topjaar). Bij evangelisatie zitten aspecten van kennismaken en ook een traditie leren kennen.

Maar volgens mij wringt de schoen daar. We zitten in een tijd van een beleveniscultuur en niet (meer) van een educatieve cultuur. The Passion sluit daar naadloos bij aan, geheel in Broadway-stijl. Die vorm werkt geweldig bij seculiere verhalen. De rol van massamedia om mensen te leren is rap verschoven naar vermaak of hooguit infotainment. Hoe groot is de kans dat The Passion, inderdaad alleen een leuke avond wordt voor de toeschouwers?

The Passion zal ontroeren en mensen raken. Maar ook stelt het een vraag: Gaat pianovirtuoos Cor Bakker vanavond winnen, of Jezus? Hoeveel mensen roepen luidkeels vanavond misdadiger ‘Barrabas’ of judoka ‘Dennis, Dennis, Dennis’? Wordt het de stem van Do, of de smart van Maria? Maar ook: is dat het allerbelangrijkste van The Passion?

Hoe verging het in Manchester? Ik heb nergens getallen gezien hoeveel mensen zijn diep geraakt en zich gingen verdiepen in geloofszaken. Zich letterlijk gingen ver-heffen. Wel dat de BBC er aan verdiende en de nabestaanden van Joy Division extra royalties kreeg omdat ‘Love will tear us apart’ opnieuw de charts besteeg.

Schiet daarmee de representatie tegenover de realiteit te ver door? Ik twijfel, want ik geloof. Ik geloof in de werking van de Geest door alle tijden en media heen. Dwars door de tv en Syb van der Ploeg heen. Ik geloof dat mensen worden geraakt. Ik geloof in kwaliteit en minder in kwantiteit. Het lukte Mel Gibson met The Passion of the Christ, het lukte met Jesus Christ Superstar en het zal The Passion ook lukken. Daar geloof ik in.

Ik denk tevens dat teveel representatie ten koste gaat van de realiteit. Hoe meer er wordt gerepresenteerd, des te meer er van de realiteit verloren gaat. Er zijn volgens mediafilosoof Thomas de Zengotita meerdere vormen van realiteit ontstaan. Twee vormen die De Zengotita noemt zijn de ‘real real’ en de ‘staged real’. Volgens mij is de ‘real real’ de kruisiging van Jezus Christus en de pure boodschap aan het kruis: Jezus verlost de mensheid door de dood aan het kruis.

The Passion is een soort ‘staged real’, een vorm van onecht leven. Volgens Jos Strengholt gaat de verwoording van het Evangelie niet zonder de kerk. Maar, de artiesten van vanavond hebben geen kennis of zijn niet christelijk. Dus een vorm van ‘staged real’ – inleven in het christendom zonder zelf christelijk te zijn. In de zin van ‘staged real’ zal The Passion niet werken. Mensen zien het als entertainment, drinken een sapje na, en gaan met een tevreden gevoel naar huis. Of pakken nog een schaaltje chips en zappen door naar de MaDiWoDoVrijdagShow.